Je lichaam is geen project, maar een heilige plek
In de bijbel lezen we dat God de mens schiep uit aarde en hem de Levensadem de neus inblies, en dat zo de mens en de ziel tot leven kwam.
Gods adem, je lichaam, geest en ziel zijn met elkaar verbonden. En vandaag wil ik eens wat langer stilstaan bij het lichaam.
Want het lichaam is in de kerk nog wel eens een ondergeschoven kindje geweest.
Een van de reden hiervoor is dat Paulus herhaaldelijk waarschuwt dat we "niet de begeerten van het vlees" moeten volgen, maar de Geest en de wil van God.
Maar met het vlees bedoelde Paulus niet zozeer het fysieke lichaam zelf, maar als wel het beeld van de wereldse, tijdelijke zaken. Het eigenbelang, egoïstische begeerten. Alle dingen waar wij ons druk over kunnen maken, maar eigenlijk niet belangrijk zijn in het koninkrijk van God.
Want God ons wel een lichaam heeft gegeven, bij boetseerde zelfs de eerste mens uit aarde. En God incarneerde zelf in een lichaam, en kwam in Jezus naar ons toe. En ook Jezus genas vele lichamelijke zieken. En wij getuigen in onze geloofsbelijdenis ook, van de opstanding van het lichaam.
En dat is niet zo vreemd, want ons lichaam is veel wijzer en wonderlijker dan we beseffen.
De afgelopen tientallen jaren zijn er veel onderzoeken gedaan naar de verbinding tussen ons lichaam, onze geest en onze emoties, onze psyche. Men komt er steeds meer achter dat wij als mensen een geheel zijn, tegenwoordig wat populairder holistisch genoemd. Maar dit is natuurlijk niet nieuw, zoals gezegd in het vroege Jodendom werd de mens al als een geheel gezien. Zo zijn de woorden Adem, geest en ziel - in het Hebreeuws nefesh, neshama - in de grondtekst met elkaar verbonden.
Als jij naar je lichaam kijkt, wat denk je dan?
Als wij naar ons lichaam kijken, zetten we de bril van het westerse Schoonheidsideaal op.
Dit zorgt ervoor dat we vinden dat wat God heeft gemaakt, niet goed genoeg. We kijken dan m naar waar het tekortschiet, wat we niet mooi vinden of wat beter kan.
Ons lichaam en ons uiterlijk wordt dan een statussymbool waarmee we onszelf willen presenteren als beter, knapper, gespierder, strakker, dikkere lippen, rondingen en ga zo maar door.
Terwijl: God kijkt niet naar jou vanuit een Schoonheidsideaal, maar als een kunstenaar die kijkt naar zijn kunstwerk.
Hij ziet de geniale samenwerking van organen, spieren, botten, bloed, zuurstof, zintuigen die samenkomt met geest en ziel. God ziet het wandelend wonder dat je bent. Zijn liefdevolle creatie.
In het vroege Jodendom was een gedachte dat God de mensen met zoveel zintuigen en organen gemaakt had, zodat we hem op verschillende manieren kunnen ervaren. Door te zien, te ruiken, te proeven, te horen en zoals Paulus zegt in Handelingen 17: op de tast, “want God is voor niemand ver weg”
Ik stel me zo voor dat toen God de mens gemaakt, hij een stapje naar achter zette, en met veel liefde en blijdschap naar zijn kunstwerk keek. Hij zette vervolgens zijn handtekening onder: en blies het Zijn adem, Zijn leven in. Het was Klaar. Het was Tov!
“De ziel van de kunstenaar niet verborgen kan blijven”
Hoogleraar en priester Henri Nouwen zegt dat “de ziel van de kunstenaar niet verborgen kan blijven” waarmee hij bedoelt dat er in jouw mens-zijn een goddelijke vingerafdruk zit, een weerspiegeling van het evenbeeld van God.
Ik zou je voor vandaag het volgende willen meegeven: kijk of je kunt genieten vandaag van je lichamelijke zintuigen, bijvoorbeeld door een mooi liedje te luisteren, naar een mooi beeld te kijken, iets bewust te proeven en te ruiken als je gaat eten. En weet je dan eens bewust van het wonder dat je bent: een Godswonder.